Daltononderwijs
Binnen het daltononderwijs staan drie principes centraal. Dat zijn:
- Zelfstandigheid
- Verantwoordelijkheid
- Samenwerken
Wilt u meer weten over de theorie achter het Daltononderwijs en over de grondlegster er van, Helen Parkhurst, dan kunt u dat allemaal vinden op de website van de Nederlandse Dalton Vereniging.
Op deze pagina willen we u graag vertellen hoe wij de verschillende aspecten
van het Daltononderwijs in de praktijk op onze school vormgeven.
Aan de hand van onderstaande rijtje Daltonaspecten laten we zien hoe we
onze leerlingen leren zelfstandig te werken en samen te werken en de verantwoordelijkheid
die zij daarbij krijgen te hanteren.
- Uitgestelde aandacht
- Taakwerk
- Week- en dagschema
- Presentaties
- Huiswerk
- Differentiatie in de taak
- Handelingswijzers
- Keuzewerk
- Huishoudelijke taken
- Tutorleren
- Tandemlezen
Uitgestelde aandacht
Met uitgestelde aandacht bedoelen we een korte tijdspanne waarin de leerkracht niet meteen beschikbaar is voor vragen en problemen van leerlingen.
De twee belangrijkste redenen voor onze school om te werken met uitgestelde aandacht zijn:
- De gelegenheid die het de leerkracht biedt om met individuele of met kleine groepjes leerlingen te werken.
- De leerlingen leren in deze periode zelfstandig problemen op te lossen omdat ze op zichzelf en elkaar zijn aangewezen voor (onderlinge) hulp.
In principe organiseert de leerkracht een situatie in de groep die het mogelijk maakt dat alle leerlingen een bepaalde periode zelfstandig kunnen werken.
Er is een symbool dat die situatie aangeeft. Bij ons op school is dit het stoplicht.
Voor het zelfstandig werken kan de leerkracht een vaste ronde door de groep maken om alles bij de kinderen even te checken. Na de eventuele ronde wordt het stoplicht aangezet.
De situaties die het stoplicht aangeeft ziet u in de groene balk hiernaast.
De materialen die leerlingen nodig hebben zijn beschikbaar. De klas is zo ingericht dat alle benodigde materialen door leerlingen zelf te pakken en op te ruimen zijn.
Er is voor de kinderen de vrijheid om oplossingen voor problemen te bedenken. Daarbij is een volgorde in het proberen oplossen te weten:
- Eerst zelf goed nadenken over mogelijke oplossingen.
- Navraag doen bij het maatje wanneer dit volgens het stoplicht mogelijk is.
- Navraag doen bij andere leerlingen in het tafelgroepje wanneer dit volgens het stoplicht mogelijk is.
- De vraag stellen wanneer de leerkracht zijn/haar ronde loopt en bij jou langs komt (groep 1-2) of het kaartje in een standaard zichtbaar op de tafel neerzetten (vanaf groep 3) zodat je aan de leerkracht laat weten dat je hulp nodig hebt.
We stimuleren dat het kind oplossingen zoekt waarbij de anderen zo min mogelijk gestoord worden.
Evalueren
Regelmatig evalueert de leerkracht met de leerlingen op groeps- en individueel niveau de periode van zelfstandig werken.
Tijdens deze evaluaties staat het vooraf afgesproken te observeren gedrag centraal. Bijv. dat je zachtjes mag overleggen. Is dit gelukt? Welke situatie was stimulerend/storend?
Daarnaast worden ook de schoolactiviteiten met de leerlingen geëvalueerd wanneer dit mogelijk is.
Taakwerk bij ons in de praktijk
In de groepen 1/2 wordt er gewerkt met een takenbord waarop de leerlingen kunnen aangeven wanneer zij welke taak gaan maken. Per week zijn er een aantal verplichte taken die in de taakbakken zitten.
Naar mate het schooljaar vordert komen er steeds meer taken per week.
Iedere leerling registreert met een gekleurde magneet welke taak op welke dag wordt uitgevoerd. De leerlingen kunnen vooruit plannen.
Vanaf groep 2 hebben alle kinderen ook een taakkaart en een keuzekaart. Naast de registratie op het bord kleuren ze ook het betreffende vakje met de dagkleur op de taak- of keuzekaart in. Wanneer groep 1 leerlingen aangeven dat zij ook graag een taak- en keuzekaart willen wordt ze dat ook aangeboden.
De taken kunnen vanaf maandag tot en met vrijdag gemaakt worden. Aan het einde van de week worden deze ook geëvalueerd met de leerlingen.
Taakbord groep 1/2
Keuzebord groep 1/2
In de groepen 3 en 4 wordt gewerkt met weektaken waarop instructiemomenten, maatjeswerk en zelfstandig werken aangegeven staan. Dit gebeurt door middel van pictogrammen in combinatie met geschreven taal.
De weektaak loopt van maandag tot en met vrijdag. De leerling heeft naast het basispakket ook een keuzepakket met verrijkingsstof of met extra oefenstof.
Naarmate het schooljaar vordert, plannen de leerlingen van groep 4 hun eigen extra oefeningen in.
Vanaf groep 5 wordt er gewerkt met weektaken. De weektaak loopt van donderdag t/m woensdag. Er is op de weektaak mogelijkheid tot plannen.
De dag- en weektaken worden wekelijks door de leerkracht gemaakt en uitgeprint. Het origineel wordt gekopieerd. De leerlingen krijgen elk een kopie of een aangepaste taakkaart wanneer dit nodig is.
Het origineel wordt samen met het weekschema in een showtas in de klassenmap bewaard.
De ingevulde exemplaren van de leerlingen worden lopende de week en aan het eind van de week gecontroleerd door de leerkracht en afgetekend. De ingevulde weektaken of dagtaken kunnen worden bewaard en gebruikt in het rapportgesprek.
Registreren van gemaakte (evt. ook geplande) taken met de dagkleuren geeft de leerling en leerkracht inzicht in de wijze van uitvoeren van taken en evt. reden tot bijstelling van werkwijze. De leerkracht ziet regelmatig de dag- / weektaken in. De registratie op het taakbord in groep 1/2 geeft een overzicht van zowel individuele als groepskeuzes.
De groepen 1 en 2 krijgen elke vrijdag hun geëvalueerde weektaak mee naar huis.
De leerlingen van de groepen 3 tot en met 6 clusteren/bewaren de weektaken op school in een showtas en krijgen deze na een periode mee naar huis.
De groepen 7 en 8 gebruiken op donderdag hun vorige weektaak om eventueel nog overgebleven werk over te nemen op hun nieuwe weektaak. Daarna gaat de ‘oude’ weektaak mee naar huis.
Differentiatie in de taak
Kinderen met specifieke onderwijsbehoeften ontvangen een aparte taak. Deze taak kan op een of meerdere onderdelen of vakgebieden afwijken van de groepstaak. Dit geldt voor zowel minder als meer ontwikkelde leerlingen.
Afspraken m.b.t. de taakkaarten die in de school gebruikt worden
Aangezien de taakkaart door de hele school heen gebruikt wordt als een rode draad voor het Daltononderwijs, is het ook van belang dat deze goed op elkaar aansluiten door de leerjaren heen.
Wat betreft de inhoud van de taakkaart hebben wij met elkaar een aantal afspraken gemaakt:
- Al het taakwerk dat beschreven staat op de taakkaart is na instructie zelfstandig te maken en in te plannen. Naast de instructiemomenten moet er nog wel ruimte zijn voor hulpvragen aan de maatjes of aan de leerkracht.
- Ook voor het keuzewerk en extra werk geldt dat dit zelfstandig te maken moet kunnen zijn wanneer het op de taakkaart beschreven staat.
- Verrijkingsstof wordt ook op de taakkaart gezet.
- Remediërende stof kan per leerling bekeken worden. Ook de keuze om het wel of niet op de taakkaart te vermelden.
Wij willen er naar streven dat zo veel mogelijk taken zelfstandig ingepland kunnen worden. Door een strakke organisatie van de instructiemomenten in de klas zou er een mogelijkheid gecreëerd kunnen worden waarin de leerlingen echt alle taken zelf kunnen inplannen. Dit vult het groeiproces aan van zelfstandigheid en vrijheid in gebondenheid ( zelfverantwoordelijkheid).
Wat betreft het uiterlijk van de taakkaart zijn er een aantal vaste items die elke keer terugkeren zoals:
- het schoollogo,
- het lettertype,
- de jaargroep,
- een mogelijkheid waar de leerlingen hun naam kunnen invullen,
- een mogelijkheid om de taken en eventueel ook de dag te evalueren,
- pictogrammen (indien van toepassing),
- de instructiemomenten (indien van toepassing),
Naast deze vaste items is er natuurlijk ook nog ruimte voor eigen creativiteit en inbreng van de leerkracht door bijvoorbeeld:
- de papierkleur te veranderen,
- de lay-out aan te passen,
- een keer een kleurplaat toe te voegen aan de taakkaart,
- etc.
Week- en dagschema
Naast de dag- en weektaken voor de leerlingen en het weekschema voor de leerkracht wordt het dagschema elke ochtend met de leerlingen doorgenomen.
In iedere groep verzorgt de leerkracht een weekschema met daarin alle geplande lessen en activiteiten. Deze is terug te vinden in de klassenmap.
In de groepen 1 en 2 hangen er dagritmekaarten die de dag voor de leerlingen structureren. Dit wordt opgesplitst in een ochtend- en een middagprogramma.
Vanaf groep 3 wordt elke dag het schema voor die dag verkort op het bord geschreven. Bij de dagschema's wordt er gebruik gemaakt van de dagkleuren en worden ook de instructietijden aangegeven. Op deze manier kunnen de leerlingen precies zien bij welke groep of leerling de leerkracht gedurende de dag bezig is.
Presentaties
De leerlingen van groep 5, 6, 7 en 8 houden één of meerdere keren per jaar een presentatie. De werkvorm (werkstuk, spreekbeurt, muurkrant, boekpresentatie) kan verschillend zijn.
Op school hebben wij ook één keer in de zoveel tijd het Sterrenpodium. Leerlingen kunnen tijdens het Sterrenpodium met de hele groep, in kleine groepjes of alleen optreden voor alle andere leerlingen van de school.
Op deze manier leren ze ook voor grotere groepen op te treden of te presenteren. De presentatie van het Sterrenpodium ligt in handen van groep 7-8.
Huiswerk
Het huiswerk wordt op individueel niveau afgestemd.
Met sommige ouders is in overleg een huiswerkschriftje/ agenda gemaakt.
Dit om de ouders meer inzicht te geven in wat leerlingen wanneer thuis moeten
doen.
Voor alle groepen geldt:
Registreren van gemaakte (evt. ook geplande) taken met dagkleur geeft leerling
en leerkracht inzicht in wijze van uitvoeren van taken en evt. reden tot
bijstelling van werkwijze.
De leerkracht ziet regelmatig de dag- / weektaken in. De registratie op
het taakbord in groep 1/2 geeft een overzicht van zowel individuele als
groepskeuzes.
Differentiatie in de taak
Kinderen met specifieke onderwijsbehoeften ontvangen een aparte taak. Deze taak kan op een of meerdere onderdelen of vakgebieden afwijken van de groepstaak. Dit geldt voor zowel minder als meer ontwikkelde leerlingen.
Handelingswijzers
In handelingswijzers staat omschreven of in schema aangegeven, hoe leerlingen (huishoudelijke) taken en opdrachten kunnen uitvoeren.
Op dit moment zijn er opruimwijzers in de onderbouw, handelingswijzers m.b.t. symbool uitgestelde aandacht, de zogeheten ‘beertjesmethode’ (plan van aanpak in vier concrete stappen) van Meichenbaum, presentatie, spelling en grammatica.Keuzewerk bij ons in de praktijk
Om bij kinderen bewust keuzegedrag te stimuleren werken wij met keuzewerk.
In de groepen 1-2 wordt er gewerkt met het
keuzebord. Op het keuzebord heeft de leerling de keuze uit hoeken, creatieve activiteiten en ontwikkelingsmateriaal.
Leerlingen kunnen op het bord hun individuele keuze kenbaar maken door hun eigen naamkaartje op te hangen.
Voor groep 1 wordt de keuze niet geregistreerd. Groep 2 daar en tegen tekent wel hun keuze af op hun keuzekaart. Dit stimuleert hen ook weer om nieuwe activiteiten en materialen te gaan ontdekken.
In groep 3-4 werken de kinderen één keer per week aan keuzewerk aan de hand van een thema. Door de thema’s komen alle meervoudige intelligenties gedurende het hele schooljaar aan bod.
Voor de kinderen in groep 5-8 is er 1 a 2 keer per week een vast moment om keuzewerk in te plannen.
Visie t.a.v. keuzewerk op de Vijfster
- De drie Daltonprincipes: vrijheid in de gebondenheid (verantwoordelijkheid), zelfstandigheid en samenwerken zijn terug te zien in het keuzewerk.
- Het keuzewerk is een verrijking voor de leerlingen. Dit sluit aan bij het adaptieve onderwijs. Het keuzewerk moet de leerlingen plezier en ontspanning bieden. Tevens zorgt het keuzewerk ervoor dat leerlingen elkaar op een andere manier ervaren.
- In de groepen 1 t/m 4 heeft het keuzwerk een vaste plek binnen het rooster. In de groepen 5 t/m/ 8 is het een verplicht onderdeel op de taakkaart, waarbij het valt onder zelfstandig werken.
- Groep 5 t/m 8 plant het keuzewerk zelf in. Andere leerlingen mogen tijdens het zelfstandig werken geen overlast ondervinden van leerlingen die tijdens het zelfstandig werken bezig zijn met keuzewerk.
- Keuzewerk is anders dan taakwerk (werk uit de methodes), met uitzondering van groep 1/2.
- Iedere leerling heeft een eigen aftekenkaart Hierdoor hebben de kinderen zelf de verantwoordelijkheid over hun eigen keuzes.
- De leerlingen krijgen een aantal keer per jaar een nieuwe keuzekaart. Het aantal keer dat een leerling een nieuwe keuzekaart krijgt verschilt per klas. De criteria hiervoor zijn dat de leerlingen altijd een keuze moeten hebben. Dit betekent dat de periode zo lang moet duren, dat de leerling nog kan kiezen.
- In iedere klas is een keuzekast aanwezig. Hierin zijn verschillende materialen en spelletjes opgenomen.
- Leerlingen kunnen eigen ideeën voor keuzewerk aandragen, waardoor er tevens ruimte wordt geboden om te experimenteren. Wanneer een leerling een idee voor het keuzewerk aandraagt, dient er een aanvraagformulier te worden ingeleverd. Hierop wordt vermeld wat het idee is, waarom het kind dit idee wil uitvoeren en wat hij of zij er voor nodig heeft. Daarnaast wordt op het formulier aangegeven of andere kinderen het idee ook kunnen uitvoeren. Hierin komen de Daltonprincipes: vrijheid in de gebondenheid (verantwoordelijkheid), zelfstandigheid en samenwerken duidelijk terug.
- Het keuzewerk is gebaseerd op de interesse van de leerling en op de meervoudige intelligenties. Iedere leerling moet alle intelligenties minimaal een keer gedaan hebben tijdens een periode.
Huishoudelijke taken
Om kinderen meer verantwoordelijkheid te laten ervaren hebben we de huishoudelijke taken binnen de groepen verdeeld over de kinderen. Kinderen leren hierbij elkaar aan te spreken op gemaakte afspraken.
In de onderbouwgroepen zijn de kinderen per toerbeurt verantwoordelijk voor Pompom, het opgeruimd zijn van hoeken, kasten en borden en het zorg dragen voor het uitdelen van het buitenspeelmateriaal, het georganiseerd in de rij staan en kleine “boodschappen” in het gebouw.
In de midden- en bovenbouwgroep zijn er meer taken gekoppeld aan de jaargroep waarin de leerling zit. Zoals het regelen van de beurten bij de computers en het uitdelen van de schriften.
Tutorleren
Is het door oudere leerlingen begeleid inoefenen van oefenstof. Bijvoorbeeld hardop lezen, aanleren van de tafels e.d. De leerlingen werken met materialen die door de leerkracht aangereikt worden.
Het tutorleren wordt georganiseerd op donderdagochtend van 9.25 uur tot 10.00 uur. De laatste vijf minuten worden gebruikt om te evalueren en de materialen en tutorleerlingen weer terug naar de klas te brengen.
De leerlingen die tutor zijn hebben 1 keer per week een bijeenkomst over tutorleren met hun leerkracht. Tijdens deze bijeenkomst evalueren ze de afgelopen week en nemen ze de bijzonderheden door. Iedere week staat een onderwerp centraal (kennismaken, administratie, vertrouwen geven, uitleggen, wat te doen als een kind niet luistert, belonen en spelvormen, evaluatie). Op deze manier worden de tutoren goed begeleid in hun belangrijke taak als tutor. We streven ernaar om de frequentie van deze evaluerende bijeenkomsten van 1 keer per week naar 1 keer per vier weken te laten plaatsvinden.
De opzet van iedere bijeenkomst is als volgt:
Les 1 Kennismaken en vertrouwen geven.
Les 2 Instructiekaart tutorleren.
Les 3 Wat als het kind niet luistert.
Les 4 Hoe maak je het leuker?
Les 5 Evaluatie.
Leerlingen die tutor zijn gaan deze verantwoordelijkheid aan voor een periode van 5 weken. Tijdens deze 5 weken volgen de kinderen de “tutorcursus”. Na deze periode beslist de tutor samen met de leerkracht of hij doorgaat met tutorleren of niet.
Tussen elke periode is een ‘rustweek’ waarin de nieuwe tutorlijst wordt gemaakt door de leerkrachten.
Tandemlezen
Tandemlezen zijn leesgroepjes die bestaan uit 2 kinderen. Ze lezen 2 keer
per week op vaste tijdstippen.
Het lezen gebeurt in de klas of in de personeelskamer.
Dagkleuren
Maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag,
zondag.
Zeven dagen heeft een week. Elke dag zijn eigen kleur
Maandag is rood,
Dinsdag is blauw,
Woensdag is oranje
En donderdag is groen
Vrijdag is geel
En zo hebben alle dagen van de week een eigen kleur.
En oh wat hebben wij er veel !
Dit liedje zingen we alleen in de onderbouw maar in de hele school wordt iedere schooldag van de week aangegeven met een vaste kleur.
De kleuren hangen in alle groepen aan de muur met daarop vermeld de dag en in de onderbouw is hier ook nog een plaatje aan toegevoegd voor het visuele aspect wanneer zij de kleuren nog niet allemaal kennen.
Deze kleuren structureren de schoolweek voor de kinderen, wat hen helpt een planning te kunnen maken.
De dagkleuren worden dagelijks gebruikt bij de administratie van verschillende zaken.
Het stoplicht
Rood licht:
- De leerlingen mogen de leerkracht niet storen, alleen bij hoge nood (leerkracht bepaalt uiteindelijk wat hoge nood is en koppelt dit terug).
- De leerlingen denken zelf na. Stellen geen vragen aan anderen.
- De leerlingen werken met een vragenkaartje.
- Kinderen werken stil en storen elkaar op geen enkele manier.
Oranje licht:
- De leerlingen mogen de leerkracht niet storen, alleen bij hoge nood (leerkracht bepaalt uiteindelijk wat hoge nood is en koppelt dit terug).
- De leerlingen mogen hulp vragen aan elkaar en praten hierbij zachtjes.
- De leerlingen werken met een vragenkaartje zodat de leerkracht kan zien dat er een vraag is.
Groen licht:
- De leerlingen mogen zelf met vragen/problemen naar de leerkracht komen.
- De leerlingen mogen hulp vragen aan elkaar en praten hierbij zachtjes.
Aansluiting bij VO
Daltononderwijs is voor ieder kind geschikt.
Belangrijk is dat met name u als ouder gelooft in deze (gestructureerde, planmatige) werkwijze en dat
dit past binnen de thuissituatie.
Door de kinderen zelf te leren plannen en doelen te stellen, sluit deze
onderwijsvorm zeer goed aan bij het hedendaagse voortgezet onderwijs.
Het Vijfsterlied
De Vijfster dat is mijn school,
Waar ik het fijn vind en ook leuk.
Lekker samenspelen, je ligt vaak in een deuk.
Hoe geweldig dat wel is,
Zoveel sterren in één school,
Allemaal de Vijfster, we horen bij elkaar.
De Vijfster dat is mijn school,
Waar ik heel veel leren kan.
Lekker alles zelf doen, en soms met hulp van jou
Refrein:
Onze school is echt geweldig.
Met een kleur voor elke dag:
Rood, blauw, geel, oranje, groen,
Dat zijn de kleuren waar wij het meedoen.
Dat vieren we met onze Vijfsterdag!
Met hulp van tutor, mentor
eren zij nog heel veel meer.
Dus met z’n allen is het leuker,
Samen met elkaar!
Hoe geweldig dat wel is,
Zoveel sterren in één school,
Allemaal de Vijfster,
We horen bij elkaar.
De Vijfster dat is mijn school,
Waar ik heel veel leren kan.
Lekker alles zelf doen,
En soms met hulp van jou.
Refrein (2x)
Onze school is echt geweldig.
Met een kleur voor elke dag:
Rood, blauw, geel, oranje, groen,
Dat zijn de kleuren waar wij het mee doen.
Dat vieren we met onze Vijfsterdag!